Schoen advies sprystep

Een enkel-voet-orthese werkt samen met uw schoen voor een optimale ondersteuning tijdens het lopen. Daarom is het erg belangrijk om geschikte schoenen te hebben voordat u de evo gaat afpassen bij uw instrumentmaker. Hierbij een aantal eigenschappen waaraan uw schoenen moet voldoen.

Tip: Neem bij voorkeur meerdere schoenen mee naar de afspraak, waarvan u denkt dat ze aan de juiste eigenschappen voldoen.

Heeft u vragen over de juiste schoenen? Bespreek die vooraf aan uw afspraak met uw instrumentmaker.

Belangrijke eigenschappen:

  1. Genoeg ruimte “Twee vinger test”:

Een simpele test om te zien of er genoeg ruimte is in de schoen voor een evo is de twee vinger test. Trek uw schoen aan en sluit de veters/wreefsluiting. Test of u twee vingers in uw schoen kan steken aan de buitenzijde van uw schoen. Test dit aan de voor en achter (zie afbeeldingen).

  1. Voldoende hoogte hielkuip:

Zorg ervoor dat de hielkuip voldoende hoogte heeft. Deze meet je vanaf de hak naar de bovenzijde van de schoen. Hierbij geldt dat de hielkuip minstens 7-7,5 cm hoog moet zijn.

  1. Hakhoogte:

De schoen moet een hakverhoging hebben. Dit is het verschil tussen de hoogte bij de voorvoet en hak. De hakhoogte moet tussen 1,1 cm  en 1,3 cm liggen.

  1. Rechte vorm hak:

Rechte hak is beter voor de stabiliteit.

  1. Goede wreefsluiting:

Zorg dat de sluiting van de schoen doorloopt tot aan minimaal de wreef van de voet. Een vetersluiting heeft de voorkeur.

  1. Brede zool:

Een brede zool met name bij de hak is gewenst zodat de evo goed past. Demping in de zool heeft de voorkeur, zoals een sneaker.

  1. Geen naden rondom randen zool:

Naden rondom de zool maken het lastig om een evo stabiel in de schoen te leggen. Het materiaal rondom de zool moet zich kunnen vormen aan de vorm van de voetplaat van de evo.

Twee vinger test:

Hielkuip:

Hakhoogte:

Rechte vorm hak:

Wreefsluiting:

Brede zool:

Geen naden/ dikke randen rondom zool: