Steunkousen voor zware of vermoeide benen

Vermoeide benen na het wandelen, of aan het einde van de dag last van zware benen? Dit zijn typerende klachten bij (beginnend) vaatproblematiek. Dit komt vaak tot uiting door vochtophoping (oedeem) in de benen, veelal zichtbaar rondom de enkelbotten (maleoli). Het dragen van een steunkous (ook bekend als compressiekous) is hiervoor een goede oplossing. In deze blog gaan we in op ‘Hoe werkt een steunkous? Wat zijn de verschillen binnen steunkousen en ‘Welke steunkous past bij mijn situatie? Zo kun je voor jezelf of samen met jouw patiënt, op het juiste moment een goede keuze maken voor het aanschaffen van een steunkous.

Wat is de oorzaak?

Zuurstofrijk bloed wordt, door de grote bloedsomloop, vanuit het hart door onze slagaderen naar onze ledematen gepompt. Zuurstofarm bloed met afvalstoffen wordt uit onze cellen afgevoerd via onze aderen terug naar het hart. Vooral vanuit de benen moet dit bloed een lange weg afleggen en ook vaak tegen de zwaartekracht in. Daarom hebben we speciale vaatkleppen in onze aderen, die zorgen dat bloed wel omhoog kan, maar niet naar beneden. Bij bijvoorbeeld chronische veneuze insufficiëntie (CVI) sluiten deze aderkleppen niet meer volledig. Het gevolg is dat zuurstofarm bloed, met de afvalstoffen, niet voldoende afgevoerd kan worden, wat leidt tot het gevoel van zware benen en/of vermoeide benen aan het einde van een dag, met of zonder oedeem.

Hoe werkt een steunkous?

Simpel gezegd geeft een steunkous druk van buitenaf op het been. Dit heeft een positief effect op het beter afvoeren van zuurstofarm bloed uit de benen. Het beste werkt een zogenoemde graduele druk, waarbij de druk rondom de enkels het hoogst is en naar boven toe afneemt. In rust geeft de steunkous een constante druk (rustdruk). Bij activiteiten geeft de steunkous een wisselende druk. Deze wordt veroorzaakt doordat we onze spieren aan- en ontspannen tijdens het bewegen. Dus het beste advies is het dragen van een steunkous, in combinatie met regelmatig bewegen.

Drukklasse, wat is dat?

In Nederland kennen we vier drukklassen. Dit is de gradatiedruk die een kous geeft, gemeten rondom de enkel. Drukklasse één (tot 21 mmHg) wordt niet vergoed door de zorgverzekeraar en wordt verkocht in winkels, apotheken en online. Steunkousen klasse twee tot en met vier kunnen worden vergoed door de zorgverzekeraar. De bandagist, huidtherapeut en/of fysiotherapeut meet deze kousen aan.

Vergoeding vindt alleen plaats na indicatie van een (huis)arts. Bij vergoeding wordt altijd eerst het eigen risico aangesproken van de verzekerde. Het is raadzaam om met oedeemklachten (opgezwollen benen) een zorgprofessional te raadplegen, zodat je de juiste compressieklasse geadviseerd krijgt.

Waar moet ik op letten bij het kopen van een steunkous?

Een belangrijk verschil is hier het type steunkous. De volgende verschillende kousen kun je aantreffen:

  • Denier kousen: dit zijn drukkousen zonder een verantwoorde opgebouwde druk.
  • Steunkousen:dit zijn kousen met een gecontroleerde opgebouwde druk. Dat wil zeggen, dat de druk in de enkel altijd hoger is dan de druk in de kuit. Dit ondersteunt een effectieve bloedafvoer en voorkomt insnoering.
  • Sportkousen: dit zijn speciale steunkousen voor tijdens of na het sporten, om met name spierklachten te verlichten.

Naast het type steunkous is er een duidelijk onderscheid te maken in gebruikte materialen. Onze steunkousen bevatten:

  • Polyamide - veel toegepast basismateriaal voor steunkousen
  • Katoen - een natuurlijk product voor meer comfort
  • Merino wool - een natuurlijke wolsoort, uiterst huidvriendelijk en een perfecte warmteregulator
  • Elastaan - dit bepaalt de elastische eigenschappen vande compressiekous

Hoe kies ik de juiste steunkous?

Welke kous het beste bij je past ligt aan jouw persoonlijke situatie en klacht. Om je te helpen bij de keuze voor een goede steunkous hebben wij onze steunkousen in de bracewijzer geplaatst. Via de vragenlijst hieronder krijgt je concreet advies welke brace het beste bij jouw situatie past. De Bracewijzer is niet bedoeld om een indicatie te stellen en is daarom geen alternatief voor een consult bij jouw huisarts, arts, fysiotherapeut en andere zorgprofessionals. Het is verstandig om jouw bewegingsklacht altijd kenbaar te maken bij een daartoe bevoegde zorgprofessional